Wat zijn bijzondere verrichtingen of manoeuvres?

Een bijzondere manoeuvre is een overkoepelend begrip. Denk bijvoorbeeld aan "omkeren". De manier waarop je het doet, bijvoorbeeld d.m.v. steken, is een bijzondere verrichting.
Een bijzondere verrichting heet zo omdat jij op dat moment niet deelneemt aan het verkeer.
Voordat je begint aan een bijzondere verrichting moet je daarom eerst het overige verkeer voorlaten.

Tijdens je examen krijg je 2 bijzondere manoeuvres, je mag zelf kiezen hoe je ze uitvoerd. Bij een tussentijdse toets kun je hiervoor vrijstelling verdienen mits je ze goed uitvoerd.

De bijzondere manoeuvres zijn:
1.De parkeer opdracht
2.De omkeer opdracht
3.De stop opdracht
4.De hellingproef

1.De parkeer opdracht:
Bij de parkeer opdracht is het de bedoeling dat je zelfstandig een parkeerplaats zoekt en de auto daar in parkeert.
Je kan kiezen uit file parkeren en vak parkeren met als opties:
Vak (haaks/visgraad) parkeren - rechts - vooruit
Vak (haaks/visgraad) parkeren - rechts - Achteruit
Vak (haaks/visgraad) parkeren - links - vooruit
Vak (haaks/visgraad) parkeren - links - achteruit
File parkeren - rechts - achteruit
File parkeren - links - achteruit
File parkeren - rechts - vooruit
File parkeren - links - vooruit

2.De omkeer opdracht:
Bij de omkeer opdracht is het de bedoeling dat je zelfstandig een mogelijkheid vindt om de auto te keren.
Je hebt de volgende opties:
Keren d.m.v. steken
Keren d.m.v. een halve draai
Keren d.m.v. een bochtje achteruit

3.Stop opdracht:
Bij de stop opdracht is het de bedoeling dat je de auto vooruit in file parkeert. Je zet de auto "tegen" een obstakel aan op een afstand waarbij je op veilige wijze weg kunt rijden. Dit mag zowel aan de rechter- als aan de linkerzijde van de weg zijn.

4.De hellingproef:
Bij het uitvoeren van de hellingproef is het de bedoeling dat je op de juiste wijze wegrijd terwijl je op een helling staat zonder dat je eerst naar achter rolt. Dit kan je doen met behulp van de voetrem of de handrem.

Naast deze bijzondere verrichtingen doe je "in parcours" (tijdens het rijden) ook allerlei bijzondere verrichtingen zoals: het voorbij rijden van een obstakel, inhalen, in/uit rijden van een uitrit, etc. Overal geldt dus dat het overige verkeer eerst gaat.